Deze strook breien we dwars en dan niet zomaar dwars. We gaan kris-kras. Dus let goed op de goede kant en de verkeerde kant.

De kleur voor deze strook is donkerrood (44) (regenboogversie: 020, felrood)

r: recht
av: averecht
kfb: (knit front back): meerdering, brei in de voor- en achterste lus van dezelfde steek: Brei de steek, maar laat hem niet van de naald glijden. Steek nog een keer in, maar dan in de achterste lus van de steek, brei en laat de steek van de linkernaald glijden.
aro: overgehaalde mindering: 1 steek als recht breien afhalen, 1 steek recht breien, afgehaalde steek over de gebreide steek halen.  
sl1: 1 steek averecht afhalen, met de draad voor het werk.

Zet 3 steken op.

nld1 (verkeerde kant): kfb, brei tot einde. (4 st)
nld2 (goede kant): kfb, brei tot einde. (5 st)
Herhaal deze twee naalden. Elke naald komt er een steek bij.
Na 19 naalden heb je 24 steken op de naald staan.
Je hebt nu een driehoekje van 10x10 cm. Meet dit na, als je niet aan de 10 komt, brei dan nog twee of vier naalden bij. Dit betekend dat je dan meer dan 24 steken hebt. Noteer dit aantal, hiermee moet je de strook gaan breien.

Nu komt het, we gaan de bocht om.
Goede kant voor en 24 steken:
Nld 1: kfb, 1r, keer
Nld 2 en alle even naalden (laatste naald is naald 24) sl1 en brei recht tot einde
Nld 3: kfb, 1r, aro, keer
Nld 5: kfb, 2r, aro, keer
Nld 7: kfb, 3r, aro, keer
Nld 9: kfb, 4r, aro, keer
Nld 11: kfb, 5r, aro, keer
en zo verder.
Nld 45: kfb, 22r, aro
Laatste teruggaande naald: sl1, brei recht tot het einde van de naald en brei de laatste 2 steken recht samen. Nu zijn er weer 24 steken op de naald.